Datateam maakt verschil voor gemeenten

Laatst bijgewerkt:

Olaf van der Sluis, Johan Rumahloine en Jasper Swager vormen het datateam van het EDC. Zij ontwikkelen informatieproducten, zoals dashboards en digitale kaarten, die gemeenten inzicht geven in hun woningvoorraad. Daarmee helpen ze gemeenten om de energietransitie te versnellen. Olaf: “Wat we binnen het EDC en het datateam doen, is echt bijzonder.”

Waarom is data zo belangrijk voor het EDC?

Olaf: “Vanaf het begin van het EDC spelen data en digitalisering een belangrijke rol. We willen dat data meer van gemeenten wordt, zodat zij betere beslissingen kunnen nemen voor hun beleid en uitvoering.”

Johan: “Dat doen we door data te vertalen naar dashboards en kaarten. Zo worden de gegevens voor gemeenten veel bruikbaarder en toegankelijker. Door verschillende databronnen met elkaar te combineren, ontstaan ook nieuwe inzichten.”

Jasper: “Wij ondersteunen alle uitvoeringsprogramma’s met data en informatieproducten. Soms is dat met een dashboard of een GIS-viewer (digitale kaart). Maar we maken ook analyses of zorgen dat de programma’s over de juiste informatie beschikken, zoals een adressenlijst.”

Wat is een actueel voorbeeld van een informatieproduct?

Olaf: “We ontwikkelen op dit moment een monumentendashboard. Dat gaat gemeenten inzicht geven in de omvang van hun opgave: hoeveel monumenten hebben we, welk energielabel hebben ze, waar staan ze, etc.? Die informatie zorgt dat we samen met gemeenten een hele gerichte monumentenaanpak kunnen uitwerken.”

Jullie zijn één team, maar hebben elk een eigen rol. Wie doet wat en hoe werken jullie samen?

Johan: “Als coördinator vertaalt Olaf de vragen van gemeenten naar informatieproducten. Samen met Jasper en mij bedenkt hij op hoofdlijnen een oplossing, waarna Jasper en ik deze verder uitwerken. Jasper ontwikkelt de GIS-oplossingen en ik bouw de dashboards.”

Olaf: “Ik bewaak de grote lijnen, houdt overzicht op de hoeveelheid werk en stel de prioriteiten. Zo maak ik het jaarplan voor Data & digitalisering. Ik ga ook geregeld op pad om kennis op te doen of te delen.”

Jasper: “Johan en ik zijn allebei twee dagen per week vanuit andere teams gedetacheerd bij het datateam. Daardoor zitten we niet dagelijks bij elkaar, maar we weten elkaar altijd gemakkelijk te vinden.”

Wat vind je fijn aan jullie team?

Johan: “Dat we met elkaar kunnen lachen, maar ook resultaat leveren. Ik vind het ook prettig dat ik de andere dagen met andere thema’s dan de energietransitie bezig ben. Die afwisseling houdt mijn werk interessant.”

Jasper: “Bij het EDC-datateam sta je dicht bij de praktijk. We hebben bijvoorbeeld veel werk gestoken in goede adreslijsten voor het MCO-programma. Als je vervolgens ziet dat daardoor brieven bij mensen op de mat vallen, wordt het werk ineens heel tastbaar.”

Olaf: “Eens. Ik ben er trots op dat ik met echt goede datacollega’s van de provincie mag samenwerken.”

Waar zit de uitdaging in jullie werk?

Jasper: “Het begint met bruikbare data. Er zijn veel gegevens beschikbaar, maar die staan op verschillende plekken en verschillen soms sterk in kwaliteit. Data geschikt maken kost regelmatig veel tijd. Dan moeten we afwegen: verbeteren we deze data zelf of geven we die terug aan de partij die ze heeft aangeleverd?”

Olaf: “Niet alle gemeenten hebben hetzelfde kennisniveau, waardoor ze de potentie van onze producten niet altijd kunnen benutten.  Daarom gaan we gemeenten nog beter uitleg geven en trainen.”

Wanneer geeft jullie werk de meeste voldoening?

Johan: “Als we een positieve reactie krijgen van gemeenten op een van onze producten. Uiteindelijk doen we het voor hen.”

Jasper: “Soms gaat zo’n reactie over een product waarvan ik bijna vergeten was dat ik eraan heb gewerkt. Dan is het mooi om te merken dat het nog steeds waarde toevoegt.”

Olaf: “Wat we binnen het EDC en het datateam doen, is echt bijzonder. Van landelijke organisaties hoor ik regelmatig dat we vooroplopen. Dat maakt ons natuurlijk trots.”